Winkelwagen

Geen producten in je winkelmand

Spellingdictee, maar dan anders!

spellingdictee

Elke dag hebben wij een spellingdictee in de klas. Ik vind het heel fijn om hier variatie in aan te brengen. Zo houd je leerlingen enthousiast en betrokken. In dit blog deel ik 5 verschillende manieren met je: het spellingdictee, maar dan anders!

Tip 1

Maak van je spellingdictee een loopdictee! Verspreid door de klas hang je 10/20 kaartjes met verschillende woorden. Ik hang ze dan zo op dat leerlingen niet kunnen zien welk woord er staat. Elke leerling krijgt een antwoordvel en dat laten ze op hun tafel liggen. Op jouw teken mogen ze naar een kaartje lopen, het omdraaien, het woord lezen, kijken hoe ze het moeten schrijven en het nummer van het kaartje onthouden. Dan lopen ze naar hun plaats en schrijven het woord bij het juiste nummer op. Controleer je woord en ga op zoek naar het volgende kaartje. Gegarandeerd dat je tijdens dit dictee alle kinderen keihard en enthousiast ziet werken!

Tip 2

Het kijkdictee is een leuke variant op je spellingdictee en het loopdictee. Dit dictee heeft mijn voorkeur om buiten te doen. Zoek afbeeldingen van de spellingwoorden die je wilt oefenen en hang deze verspreid over het schoolplein op. Leerlingen krijgen een antwoordvel en nemen een pen of potlood mee. Ze rennen/lopen naar een plaat, kijken naar de afbeelding en schrijven het woord op. Enig nadeel is dat je soms discussie kunt hebben over het woord. Is het een zeilschip of een zeilboot, een ambulance of een ziekenauto. Dit kun je grotendeels voorkomen door vooraf aan te geven welke categorieën je oefent. 

spellingdictee
spellingdictee
Tip 3

Het spellingdictee wordt een duodictee. Maak twee kaartjes met verschillende spellingwoorden. Verdeel je klas in tweetallen. Elke tweetal krijgt twee verschillende kaartjes. Leerling A neemt een van de twee kaartjes en neemt het dictee af bij leerling B. Daarna neemt leerling B het andere kaartje af bij leerling A. Natuurlijk controleren ze elkaars dictee. 

Tip 4

Spellingdictee met behulp van de coöperatieve werkvorm: mix en ruil. Geef elke leerling een strookje met een spellingwoord. Leerlingen lopen met dit strookje door de klas en zoeken een andere leerling. Leerling A leest het woord op het kaartje voor aan leerling B. Leerling B zegt het woord na en spelt het woord. Vervolgens wisselen ze van rol. Zijn beide woorden (goed) gespeld, dan bedanken de leerlingen elkaar en wisselen ze van strookje. De leerlingen gaan op zoek naar een nieuwe leerling om mee te oefenen. 

Tip 5

De vijfde variant op het spellingdictee is Schud & Pak. Elk team van 4 leerlingen ontvangt een eigen set kaarten met daarop spellingwoorden. Leerling A maakt een waaier van de kaarten, houdt deze voor leerling B en zegt: “Kies een kaart!” Leerling B kiest een willekeurige kaart uit de waaier en leest het woord voor. Leerling A, C en D schrijven het woord in hun schrift.  Leerling B controleert of iedereen het woord goed heeft geschreven. Daarna wisselen de leerlingen van rol.

 

Tip 6…

Op zoek naar werkbladen voor spelling? Kijk dan eens bij mijn downloads! Daar staan inmiddels 5 bestanden met wel 11 werkbladen om met spelling te oefenen, allemaal methode onafhankelijk en jaargroep onafhankelijk! 

Om je de beste ervaring te kunnen geven maken wij gebruik van Cookies. Door het gebruiken van onze website ga je hier automatisch mee akkoord. Wil je meer informatie? Klik dan hier.