Werken met een rekencircuit in de klas als een pro! 2: aan de slag

Vandaag ga ik je uitleggen hoe je kunt starten met rekencircuits in je klas. In dit blogbericht leer ik je welke richtlijnen je het beste kunt volgen wanneer je met rekencircuits in de klas start en werkt. En je weet: “een goede voorbereiding is het halve werk!” Met een sterke lancering verlopen al je rekencircuits het hele schooljaar soepel!

Opbergen

Voordat je aan de slag gaat met rekencircuits moet je een aantal zaken goed doordenken. Ikzelf vind het opbergen de belangrijkste zaak. Niets zo frustrerend als materialen die kapot of incompleet zijn of nog tijdrovender: spellen die door elkaar zijn geraakt en je weer moet sorteren. Daarom moet je voordat je van start gaat met verzamelen nadenken over hoe je dit allemaal wilt organiseren. Niet alleen voor het moment dat je dit specifieke rekencircuit in je programma hebt, maar ook hoe je het later gaat opbergen voor een volgend schooljaar.

Hier mijn favoriete top 5 van opbergers voor mijn rekencircuits (in willekeurige volgorde):

  1. Bij de Ikea kun je de meest fantastische hersluitbare zakjes kopen. Ik gebruik ze voor van alles en nog wat, maar ze zijn ook ideaal om te gebruiken bij het opbergen van (kleine) materialen voor je rekencircuits. Je hebt ze in diverse formaten. https://www.ikea.com/nl/nl/catalog/products/50342237/
  2. Bij de Action kun je 6-vaks opbergmappen kopen waar je veel van je A4 papierwerk voor je circuits in kwijt kunt. https://www.action.com/nl-nl/p/opbergmap/
  3. Ook deze documentenmappen zijn heel handig: https://www.action.com/nl-nl/p/office-essentials-documentenmap/(deze gebruik ik ook altijd voor de papieren van mijn kampspellen)
  4. Je kunt ook per onderdeel van je circuit een doos kopen om zo snel in de klas aan de slag te kunnen. Ik gebruik hiervoor deze: https://www.hema.nl/wonen-slapen/opbergen/kunststof-opbergsysteem/opbergbox-40-x-30-x-12-cm-39822004.html 
  5. Hoe meer materialen, hoe meer opbergruimte: https://www.xenos.nl/iris-ladekast-met-wieltjes-6-laden-29x39x61-cm
Mijn tips wat betreft opbergen:

De kleine materialen stop ik in hersluitbare zakjes en die gaan samen met papieren in een documentenmap. Alle materialen van een rekencircuit onderdeel gaan in 1 doos als ik dat rekencircuit inzet in de klas. Draai ik een rekencircuit met 5 verschillende spellen, dan staan er 5 dozen met inhoud in de klas klaar. Hebben alle leerlingen alle onderdelen van het rekencircuit afgerond, dan haal ik de dozen leeg en gaan alle materialen van het rekencircuit in een lade van de ladekast op wieltjes. Zo heb ik per jaar 6 verschillende rekencircuits die aan bod komen. Door middel van etiketten kun je een jaar later nog makkelijk zien wat er ook alweer in welke map of lade zit.

Aanbieden in de klas
  1. Denk na over je procedures en verwachtingen: aan welke regels moeten jouw leerlingen zich houden? Wat wil je dat het rekencircuit je oplevert?
  2. Kies je circuits: ik zet per schooljaar 6 rekencircuits in. 
  3. Regel je organisatie: zodra je het aantal onderdelen van je rekencircuit weet en je weet hoeveel groepjes je hebt, kun je aan de slag. Zorg dat alles voldoende op voorraad klaarligt in de klas. Zorg dat je alles met labeltjes zichtbaar hebt gemaakt voor de leerlingen: hoe meer ze zelf kunnen pakken, des te minder werk het jou kost. Plus je werkt aan de zelfstandigheid (dus het eigenaarschap van jouw leerlingen wordt vergroot!).
  4. Maak groepjes: groepeer je leerlingen op leerbehoeften, op samenwerkingsvaardigheden of op mindset? Doe wat bij jouw leerlingen past en waar zij en jij behoefte aan hebben.
  5. Introduceer je circuit: activeer je leerlingen door ze te herinneren aan eerdere lessen waarin de doelen van je rekencircuit aan bod kwamen, leg je circuit uit (laat ze de materialen zien, doe een oefening voor), leg uit hoe ze materialen moeten gebruiken, waar ze dingen kunnen pakken en waar en hoe ze alles moeten opruimen.
  6. Observeer en stel eventueel bij: bedenk vooraf welk onderdeel je onder jouw supervisie laat uitvoeren of welk groepje je gaat begeleiden tijdens het rekencircuit. Geef groepjes die je in de gaten wilt houden een plekje bij je in de buurt, zodat je ook hun vorderingen kunt observeren.
  7. Evalueer: evalueer met je leerlingen wat ze makkelijk en moeilijk vonden, waar ze tegen aan liepen etc. Evalueer ook voor jezelf of jij de zaken hebt gezien die je wilde zien en wat je de volgende keer anders gaat doen of anders wilt zien.
Regels en afspraken in de klas

Als jouw leerlingen met het rekencircuit aan de slag gaan, moeten ze een aantal regels duidelijk weten: het is leren in spelvorm en niet zomaar een spelletje. Er wordt inzet van je verwacht! Daarnaast kan het zijn dat ze tegen problemen aanlopen. Hoe ga je hiermee om? Ik vind niets storender dan leerlingen die komen vragen: hoeveel is 7×8? Bij mij is de volgorde altijd:

  1. Zoek het op in je opzoekmapje;
  2. Vraag het aan een klasgenoot;
  3. Vraag het aan de leerkracht.

Spreek af met de leerlingen welke materialen ze zelf moeten meenemen, bijvoorbeeld hun potlood of hun wisbordje. Daarnaast weten mijn leerlingen ook wat ze zelf mogen pakken en waar die materialen liggen. Het rooster van het circuit hangt op een centrale plek in de klas, zodat leerlingen zelf kunnen kijken wat ze moeten gaan doen en wanneer zij voor welk onderdeel aan de beurt zijn.

Aan het begin van een circuit doe ik altijd voor hoe ik verwacht dat de leerlingen het circuit aan het eind van de les opruimen. Mijn ervaring is dat als ik het een keer klassikaal voordoe dit betere “opruimresultaten” oplevert.

In mijn winkel vind je verschillende rekencircuits die je voor een klein bedrag kunt kopen. 

Add a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *