Aan de slag met referentieniveaus

Wat weet jij allemaal over de referentieniveaus? Hoe ga je aan de slag met referentieniveaus? Alle leerkrachten van groep 1 t/m 8 zouden moeten weten wat de leerlingen op hun school aan het eind van groep 8 moeten kennen en kunnen. We moeten allemaal van de doorgaande lijn weten. Tot mijn grote verbazing lijkt het op veel scholen meer iets te zijn voor de leerkracht groep 8 en directie/intern begeleider. Zo heb ik pas nascholing over dit onderwerp gevolgd en er zaten werkelijk alleen maar leerkrachten groep 8, directeuren en intern begeleiders. Het kan natuurlijk zijn dat zij dit allemaal keurig delen met hun collega’s en er zo een professionele leergemeenschap binnen de school is, maar eerlijk gezegd betwijfel ik dat.

Waarom moeten alle leerkrachten op een school op de hoogte zijn van de referentieniveaus?

Ik vind dat alle leerkrachten moeten weten wat de leerlingen op hun school aan het eind van groep 8 moeten kennen en kunnen. Het is een voorwaarde om met elkaar een doorgaande lijn te kunnen creëren van groep 1 tot en met groep 8. Welke stappen zet je als school op weg naar het halen van de wettelijk vastgelegde referentieniveaus? Je moet weten waar je leerlingen vandaan komen en waar ze naar toe moeten. Om als school een doorgaande leerlijn te kunnen garanderen is dan ook een TEAMprestatie nodig.

Mijn nekharen gaan dan ook altijd overeind staan als ik leerkrachten hoor zeggen: “Mijn collega van groep 8 heeft het zo goed gedaan, we hebben een voldoende gescoord op de eindtoets.” Het is niet alleen de leerkracht van groep 8 die een prestatie heeft neergezet met haar/zijn klas. Het is een prestatie van de hele school. Zonder mijn collega’s van groep 1 t/m 7 zou ik als juf van groep 8 nergens zijn!

Als ik mijn methode volg, dan kom ik er wel

Als ik een goede methode heb voor rekenen of taal dan ben ik er toch wel? Ik volg gewoon mijn methode, doe af en toe een coöperatieve werkvorm of aan bewegend leren passend bij de les van die dag en dan is het toch prima? Mijn methode garandeert dat het voldoet aan de referentieniveaus. Dus het zal wel in orde zijn. Als school wil je tijdens de acht jaar dat een leerling op je school zit inzicht krijgen in de vraag of die leerling zich goed ontwikkelt in relatie tot de referentieniveaus. De methodetoetsen toetsen de aangeboden stof, maar vertellen je niet of je leerlingen op schema zitten. Om deze reden nemen scholen methode onafhankelijke toetsen af. Deze toetsen worden vaak twee keer per jaar afgenomen en aan de hand hiervan evalueer je, stel je bij en maak je plannen. Alleen ook deze toetsen zeggen niets over de ontwikkeling van leerlingen in relatie tot de einddoelen van het onderwijs. Leerlingen worden ingedeeld in niveaus en die niveaus hebben geen enkele relatie tot de referentieniveaus.

Wat houden die referentieniveaus dan in?

Sinds augustus 2010 is de Wet referentieniveaus Nederlandse taal en rekenen van toepassing. Referentieniveaus zorgen dat het voortgezet onderwijs goed aansluit op het basisonderwijs en daarna weer op het vervolgonderwijs. De niveaus bepalen welke stof een leerling moet beheersen in welke fase van zijn schoolloopbaan.

Het grootste verschil met de kerndoelen is dat de kerndoelen een aanbodverplichting hebben en referentieniveaus een opbrengstverplichting.  Kort gezegd: je moet de stof niet alleen aanbieden, de kinderen moeten de stof ook gaan beheersen!

De referentieniveaus op de basisschool: op weg naar 1F, 1F en 2F/1S

Aan het eind van de basisschool moeten de leerlingen minimaal het basisniveau 1F beheersen, maar het gewenste niveau ligt hoger. De overheid heeft de wens uitgesproken dat het grootste deel van de leerlingen aan het eind van de basisschool een hoger niveau behaalt: 2F/IS (het streefniveau). Niet alle kinderen zullen het streefniveau halen. In het vervolgonderwijs zijn de referentieniveaus vereist om het diploma te kunnen behalen. Zo moeten leerlingen aan het eind van hun vmbo-opleiding 2F beheersen en moeten leerlingen die de havo doen 3F halen en vwo-leerlingen op taalgebied zelfs 4F en voor rekenen 3F om door te kunnen stromen naar een vervolgopleiding passend bij hun middelbare schoolniveau.

Aan de slag met referentieniveaus

Hoe start ik? Maak als team voor iedereen helder wat de verplichtingen zijn. Naar welk niveau moeten de leerlingen gebracht worden en hoe ziet dat niveau eruit? Welke typen teksten horen daarbij, welke rekensommen horen daarbij?

Stel dan met elkaar ambities: wij willen aan dat onze leerlingen aan het eind…. Uitgangspunt van deze ambities zijn de uitstroomniveaus van de laatste drie schooljaren. Hiervan neem je het gemiddelde. Dit vergelijk je met de landelijke ambitie en dan stel je de ambitie voor jouw school op.

Even een voorbeeld: over de afgelopen drie schooljaren haalden (gemiddeld gezien!) 56% van mijn leerlingen 2F niveau op het gebied van taalverzorging. De overheid heeft als ambitie gesteld dat 65% van de leerlingen op het gebied van taalverzorging met 2F niveau de basisschool verlaat. Dit is voor mijn school een gat van 9%. Ik kan verklaren hoe wij maar tot 56% komen en ik weet op welke punten wij binnen onze school winst kunnen behalen. Dit bespreken wij in het team en er wordt een nieuwe ambitie bepaald met een plan van aanpak om deze ambitie te halen.

Dit plan van aanpak is voor mij leidend en niet de hoofdstukken uit mijn methode.

De landelijke ambities

De overheid heeft de volgende ambities opgesteld:

  • 85% van de leerlingen verlaat de basisschool met 1F niveau (15% haalt dan het niveau “op weg naar 1F”);
  • 65% van de leerlingen verlaat de basisschool met 2F/1S niveau.

Met mijn blog wil ik niet beweren dat ik alle wijsheid in huis heb. Ik doe mijn werk naar eer en geweten. Ik stel hoge doelen, maar deze doelen zijn wel realistisch. Ik moedig mijn leerlingen aan, ik daag ze uit en loop met ze mee en naar mijn mening werkt dit het best als mijn onderwijs boeiend is en ik kinderen enthousiast krijg om de uitdaging aan te gaan. Heb jij nog tips voor mij?

Op de site van de rijksoverheid kun je meer lezen over de referentieniveaus. 

Voor groep 8 heb ik een leermiddel gemaakt waarbij ik zoveel mogelijk sommen passend bij de referentieniveaus sommen heb gemaakt. Deze vind je hier: 40 weken rekenen.

Tags: No tags

2 Responses

Laat een reactie achter

Je e-mail adres zal niet gepubliceerd worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd.