Werken met rekencircuits in de klas als een pro! 3: eigenaarschap en feedback

Dit is het laatste deel uit een serie van 3 over het werken met een rekencircuit. Deze keer ga ik het hebben over eigenaarschap en feedback. 

Kinderen die eerder klaar zijn

Voor de snelle Jelles onder de leerlingen zorg ik altijd dat ik extra werk achter de hand heb. In mijn klas werk ik met een weektaak en daar staan ook taken op die leerlingen kunnen doen als ze klaar zijn voordat de werktijd op is. Als je niet werkt met een weektaak, kun je ook extra taken op je bord zetten of met een apart keuzebord werken. Maar hoe koppel je jouw observaties terug naar de leerlingen?

Feedback  

Feedback is een van de meeste voorkomende elementen bij succesvol leren, maar tegelijkertijd behoren de effecten ook tot de meest variabele. Feedback dient de kloof te verkleinen tussen waar de leerling is en waar hij hoort te zijn (John Hattie). Als je als leerkracht feedback op een goede manier toepast, kun je je leerlingen motiveren en hun kennis, vaardigheden en gedrag ontwikkelen. Je helpt leerlingen om hun kunnen te ontdekken en te ontwikkelen en je geeft ze zo inzicht in hun sterke en zwakke punten en hoe ze die kunnen verbeteren. Goede feedback sluit aan bij het leerdoel van de leerling, is tastbaar en transparant, is actiegericht, is vriendelijk, goed getimed en consistent.

Zelfreflectie

Maar met alleen feedback geven ben je er niet. Het is ook erg belangrijk dat leerlingen hun eigen leerproces en het resultaat ervan evalueren. Het grote doel van zelfreflectie is dat leerlingen van zichzelf weten waar ze nu staan en of ze (de volgende keer) het doel bereiken.

Stap 1:

Het eigen leerproces evalueren: Is het mij gelukt de taak te maken? Hoe zie ik dat? Welke aanpak had ik gekozen? Was dat een handige manier? Wat heb ik gedaan om geconcentreerd te blijven?

Stap 2:

Het eigen leerresultaat verklaren: Hoe kwam het dat de taak wel/niet gelukt is? Kwam het door mezelf of door iets uit mijn omgeving? Kon ik er iets aan veranderen of niet? Is dat altijd zo, of alleen bij deze taak?

Stap 3:

Verklaren of de leerling zelf tevreden is met het resultaat: Hoe kijk ik op deze taak terug? Ben ik tevreden over het resultaat? Pak ik het de volgende keer op dezelfde manier aan?

Stap 4:

Mijn leerwinst vaststellen: Wat heb ik vandaag geleerd dat ik de volgende keer zou kunnen gebruiken? Hoe kan ik het de volgende keer aanpakken?

Exit tickets

Een prettige manier om te controleren of leerlingen de lesstof hebben begrepen is door te werken met exit tickets. Ik eindig vaak de les met 1 tot 3 vragen/opdrachten om mijn les te evalueren. Een voorbeeld: Ik heb instructie gegeven over cijferend vermenigvuldigen. Als exit ticket krijgen leerlingen van mij dan een half A4’tje met daarop 3 sommen die zij moeten maken en inleveren. Hebben ze 2/3 sommen goed: prima, 0/1 sommen goed: extra instructie.

 

Gratis downloads:

Exit ticket rekenen 1

Exit ticket rekenen 2

Werken met een rekencircuit in de klas als een pro! 2: aan de slag

Vandaag ga ik je uitleggen hoe je kunt starten met rekencircuits in je klas. In dit blogbericht leer ik je welke richtlijnen je het beste kunt volgen wanneer je met rekencircuits in de klas start en werkt. En je weet: “een goede voorbereiding is het halve werk!” Met een sterke lancering verlopen al je rekencircuits het hele schooljaar soepel!

Opbergen

Voordat je aan de slag gaat met rekencircuits moet je een aantal zaken goed doordenken. Ikzelf vind het opbergen de belangrijkste zaak. Niets zo frustrerend als materialen die kapot of incompleet zijn of nog tijdrovender: spellen die door elkaar zijn geraakt en je weer moet sorteren. Daarom moet je voordat je van start gaat met verzamelen nadenken over hoe je dit allemaal wilt organiseren. Niet alleen voor het moment dat je dit specifieke rekencircuit in je programma hebt, maar ook hoe je het later gaat opbergen voor een volgend schooljaar.

Hier mijn favoriete top 5 van opbergers voor mijn rekencircuits (in willekeurige volgorde):

  1. Bij de Ikea kun je de meest fantastische hersluitbare zakjes kopen. Ik gebruik ze voor van alles en nog wat, maar ze zijn ook ideaal om te gebruiken bij het opbergen van (kleine) materialen voor je rekencircuits. Je hebt ze in diverse formaten. https://www.ikea.com/nl/nl/catalog/products/50342237/
  2. Bij de Action kun je 6-vaks opbergmappen kopen waar je veel van je A4 papierwerk voor je circuits in kwijt kunt. https://www.action.com/nl-nl/p/opbergmap/
  3. Ook deze documentenmappen zijn heel handig: https://www.action.com/nl-nl/p/office-essentials-documentenmap/(deze gebruik ik ook altijd voor de papieren van mijn kampspellen)
  4. Je kunt ook per onderdeel van je circuit een doos kopen om zo snel in de klas aan de slag te kunnen. Ik gebruik hiervoor deze: https://www.hema.nl/wonen-slapen/opbergen/kunststof-opbergsysteem/opbergbox-40-x-30-x-12-cm-39822004.html 
  5. Hoe meer materialen, hoe meer opbergruimte: https://www.xenos.nl/iris-ladekast-met-wieltjes-6-laden-29x39x61-cm
Mijn tips wat betreft opbergen:

De kleine materialen stop ik in hersluitbare zakjes en die gaan samen met papieren in een documentenmap. Alle materialen van een rekencircuit onderdeel gaan in 1 doos als ik dat rekencircuit inzet in de klas. Draai ik een rekencircuit met 5 verschillende spellen, dan staan er 5 dozen met inhoud in de klas klaar. Hebben alle leerlingen alle onderdelen van het rekencircuit afgerond, dan haal ik de dozen leeg en gaan alle materialen van het rekencircuit in een lade van de ladekast op wieltjes. Zo heb ik per jaar 6 verschillende rekencircuits die aan bod komen. Door middel van etiketten kun je een jaar later nog makkelijk zien wat er ook alweer in welke map of lade zit.

Aanbieden in de klas
  1. Denk na over je procedures en verwachtingen: aan welke regels moeten jouw leerlingen zich houden? Wat wil je dat het rekencircuit je oplevert?
  2. Kies je circuits: ik zet per schooljaar 6 rekencircuits in. 
  3. Regel je organisatie: zodra je het aantal onderdelen van je rekencircuit weet en je weet hoeveel groepjes je hebt, kun je aan de slag. Zorg dat alles voldoende op voorraad klaarligt in de klas. Zorg dat je alles met labeltjes zichtbaar hebt gemaakt voor de leerlingen: hoe meer ze zelf kunnen pakken, des te minder werk het jou kost. Plus je werkt aan de zelfstandigheid (dus het eigenaarschap van jouw leerlingen wordt vergroot!).
  4. Maak groepjes: groepeer je leerlingen op leerbehoeften, op samenwerkingsvaardigheden of op mindset? Doe wat bij jouw leerlingen past en waar zij en jij behoefte aan hebben.
  5. Introduceer je circuit: activeer je leerlingen door ze te herinneren aan eerdere lessen waarin de doelen van je rekencircuit aan bod kwamen, leg je circuit uit (laat ze de materialen zien, doe een oefening voor), leg uit hoe ze materialen moeten gebruiken, waar ze dingen kunnen pakken en waar en hoe ze alles moeten opruimen.
  6. Observeer en stel eventueel bij: bedenk vooraf welk onderdeel je onder jouw supervisie laat uitvoeren of welk groepje je gaat begeleiden tijdens het rekencircuit. Geef groepjes die je in de gaten wilt houden een plekje bij je in de buurt, zodat je ook hun vorderingen kunt observeren.
  7. Evalueer: evalueer met je leerlingen wat ze makkelijk en moeilijk vonden, waar ze tegen aan liepen etc. Evalueer ook voor jezelf of jij de zaken hebt gezien die je wilde zien en wat je de volgende keer anders gaat doen of anders wilt zien.
Regels en afspraken in de klas

Als jouw leerlingen met het rekencircuit aan de slag gaan, moeten ze een aantal regels duidelijk weten: het is leren in spelvorm en niet zomaar een spelletje. Er wordt inzet van je verwacht! Daarnaast kan het zijn dat ze tegen problemen aanlopen. Hoe ga je hiermee om? Ik vind niets storender dan leerlingen die komen vragen: hoeveel is 7×8? Bij mij is de volgorde altijd:

  1. Zoek het op in je opzoekmapje;
  2. Vraag het aan een klasgenoot;
  3. Vraag het aan de leerkracht.

Spreek af met de leerlingen welke materialen ze zelf moeten meenemen, bijvoorbeeld hun potlood of hun wisbordje. Daarnaast weten mijn leerlingen ook wat ze zelf mogen pakken en waar die materialen liggen. Het rooster van het circuit hangt op een centrale plek in de klas, zodat leerlingen zelf kunnen kijken wat ze moeten gaan doen en wanneer zij voor welk onderdeel aan de beurt zijn.

Aan het begin van een circuit doe ik altijd voor hoe ik verwacht dat de leerlingen het circuit aan het eind van de les opruimen. Mijn ervaring is dat als ik het een keer klassikaal voordoe dit betere “opruimresultaten” oplevert.

In mijn winkel vind je verschillende rekencircuits die je voor een klein bedrag kunt kopen. 

Werken met een rekencircuit in de klas als een pro! 1: de organisatie

Dit is het eerste deel in een serie over het werken met rekencircuits in de klas.

Hoe uitdagend en leuk is het om vanuit je doelen activiteiten te bedenken die passen bij de lesstof die je op dit moment in je klas behandelt? Natuurlijk kun je al je lessen geven volgens de methode, maar mijn ervaring is dat bepaalde onderwerpen te weinig aan bod komen tijdens een blok en dat de leerlingen dan nog niet klaar zijn om dat ene onderdeel lekker vlot te kunnen maken tijdens een toets. Een rekenonderdeel wat nu spontaan bij mij naar boven komt is het metriek stelsel! Ervaar jij dit ook bij bepaalde doelen?
Om tegemoet te komen aan deze behoeftes probeer ik wekelijks tijd vrij te maken voor het werken in een rekencircuit.

Waarom een rekencircuit inzetten tijdens je lessen?

Ik merk met het werken met een rekencircuit dat leerlingen zelfstandiger hun werk uit gaan voeren en dat ze meer verantwoordelijk zijn voor hun eigen leerproces (ik hou van eigenaarschap!). Voor mij als leerkracht betekent het dat ik meer tegemoet kan komen aan verschillen tussen leerlingen, ik creëer een hoge effectieve leertijd en ik maak zo tijd vrij voor kinderen die extra zorg en/of instructie nodig hebben.

Klassenmanagement

Staat jouw klassenmanagement als een huis? Ik hoop van wel, anders heb ik een aantal redenen waarom je er snel mee moet starten! Als je je klassenmanagement op orde hebt, zorg je voor duidelijke kaders voor je leerlingen en voor jezelf. Een goede organisatie voorkomt veel onrust in de klas. Wil je het werken met een circuit laten slagen dan moet je een duidelijke structuur neerzetten en zorgen voor rust en orde in de klas.

Onderdelen van een rekencircuit

Het is natuurlijk een beetje afhankelijk van de grootte van je groep, maar het liefst werk ik met 4 of 5 verschillende onderdelen bij een rekencircuit. Een van de onderdelen is bij mij altijd een opdracht op de computer, verder maak ik gebruik van spelmaterialen (bijvoorbeeld een breukenkwartet of een metriek stelsel ganzenbordspel) en ook werkbladen zet ik in tijdens het circuit.

Rooster

Als leerkracht zorg je voor een zorgvuldige planning. Je maakt een rooster zodat alle groepjes weten wanneer ze welk onderdeel mogen doen en je zorgt dat er voldoende materialen op die dag voor de leerlingen zijn.

Tips

Veel materialen die je kunt inzetten tijdens een rekencircuit heb je al in je klas, dat is fijn. Scheelt weer in de kosten! Verder vind ik het prettig om alle materialen netjes op te bergen in opbergdozen. Werkbladen en andere papieren van je circuit kun je netjes in mappen opbergen, zodat je het makkelijk kunt pakken en (eventueel) kunt hergebruiken.

Op zoek naar voorbeelden van een rekencircuit? Klik hier of neem een kijkje in de winkel.

Nationale Buitenlesdag: bewegend leren

Ga jij regelmatig met je leerlingen naar buiten om buiten je klaslokaal te leren? Ik probeer wekelijks een buiten activiteit te organiseren voor mijn klas. Meestal voorafgaand of aansluitend aan een pauze. Dit ook omdat ik met mijn klas boven zit en we niet binnen een paar seconden buiten staan. Dinsdag 2 april 2019 is alweer de vierde editie van de Nationale Buitenlesdag. Op Buitenlesdag geven leerkrachten in heel Nederland buiten les. Dat is niet alleen goed voor de leerprestaties van kinderen, maar het is ook nog eens heel leuk! Doet jouw school mee aan de Nationale Buitenlesdag?

Bij welke vakken kun je dan zoal buiten activiteiten organiseren in de bovenbouw? Bij alle vakken! Maar ik ben eerlijk, ik vind het zelf het makkelijkst bij rekenen, spelling, woordenschat en Engels en dan vooral als het niet teveel voorbereiding kost.

Heb je dan veel materialen nodig? Nee en ja, het ligt er maar net aan wat je zelf wilt. Lekker dik stoepkrijt vind ik wel echt een musthave voor een buitenactiviteit. Je kunt het gebruiken om woorden te laten schrijven op het plein of je kunt het gebruiken om leerlingen oppervlakte en omtrek uit te laten rekenen. De een tekent een figuur en de ander rekent de omtrek en de oppervlakte uit. Enkele bladen papier om op te hangen op muren of ramen zijn ook altijd wel handig. Zoals bijvoorbeeld bij de activiteit “ren je rot”.

Een enkele keer pak ik wat groter uit en maak ik een speurtocht op het schoolplein. Ik hang kaartjes op en de kinderen krijgen een vel met een volgorde die ze aan moeten houden om de opdrachten uit te kunnen voeren. Als je nog op zoek bent naar een leuke rekenactiviteit voor groep 7 of 8 zoek dan niet verder en download deze toffe les met emoji’s. Bij deze opdracht moeten leerlingen kommagetallen vermenigvuldigen. 

Ook als het bijna Pasen is, heb ik altijd een leuke buitenactiviteit om het cijferend vermenigvuldigen te oefenen, zonder dat het saai wordt. Ik verstop paaseieren met daarin sommen op het schoolplein en de kinderen zoeken in tweetallen de paaseieren en lossen samen de sommen op. Zo vang je twee vliegen in 1 klap: bewegend leren en coöperatieve werkvormen.

Succes gegarandeerd met deze twee rekenactiviteiten voor groep 7 of 8!

Welke buitenactiviteiten doe jij met jouw groep? Laat je het weten in een reactie?

Klik hieronder om de werkbladen te downloaden:

Rekenspeurtocht: kommagetallen vermenigvuldigen

De jacht op het paasei

Werkbladen rekenen: thema Pasen

 

Momenteel kun je bij onder andere de Hema weer “verstop-eieren” kopen. Deze eieren kun je voor heel veel doeleinden inzetten tijdens je lessen. “Verstop-eieren” zijn plastic eieren die je open kunt maken om er iets in te verstoppen, bijvoorbeeld een som!

In dit bericht deel ik twee activiteiten met je op het gebied van rekenen waarbij je gebruik maakt van deze “verstop-eieren”. Onderaan het bericht kun je de werkbladen bij deze activiteiten downloaden. 

De jacht op het paasei is elk jaar weer een succesnummer in mijn klas, misschien ook wel omdat ik elk jaar mazzel heb gehad met het weer en deze activiteit lekker buiten kon doen. In elk paasei zit een som verstopt. In de rode paaseieren zitten de moeilijkste sommen in de gele paaseieren de makkelijkste sommen. Daarom krijg je voor goed opgeloste sommen uit de rode paaseieren meer punten dan voor goed opgeloste sommen uit de gele paaseieren.

In tweetallen zoeken de leerlingen paaseieren op het schoolplein en hebben dus zelf de keuze wat betreft moeilijkheidsgraad. Het groepje met de meeste punten op het eind wint. Ik mix wel altijd heel bewust sterke en zwakkere rekenaars met elkaar om ook de zwakkere rekenaar plezier aan  deze activiteit te laten beleven. 

Een nieuwe activiteit die ik dit jaar ga uitproberen is: rekenen met paaseieren. In elk paasei zit een getal. Pak 4 paaseieren uit het mandje met paaseieren, schrijf de getallen in de lege paaseieren op je werkblad en voer de bewerkingen die op je werkblad staan uit. Klaar? Leg de paaseieren terug en pak 4 nieuwe paaseieren. 

Klik hier voor het downloaden van de werkbladen:

De jacht op het paasei 

Rekenen met paaseieren 

Ik hoor graag wat jouw leerlingen van de werkbladen vonden!

Ben je op zoek naar meer rekenactiviteiten voor de periode voorafgaand aan Pasen? Klik hier en je komt bij een heel leuk werkboekje. “Wie stal de paaseieren”  is een werkboekje voor Pasen met 5 rekenopdrachten om als klaarwerk in de klas te laten doen!